Leo Reawaruw, voorman van Stichting Maluku4Maluku en Melie Lumalessil-Metiarij van Stichting Woonoord Schattenberg strijden elk op hun eigen manier voor erkenning voor de Molukse gemeenschap. En hoewel ze veel van elkaar verschillen, zijn ze het over één ding eens: de steun van zeventien Nederlandse burgemeesters is een mooi gebaar, maar de Molukse gemeenschap verdient meer.

Het was zondag precies 70 jaar geleden dat de eerste Molukkers naar Nederland kwamen. In het kader van deze geschiedenis hebben zeventien burgemeesters een open brief aan het nieuwe kabinet ondertekend waarin zij vragen om erkenning van het leed dat de Molukkers is aangedaan én investering in de Molukse gemeenschap. Onder hen zijn de Drentse burgemeesters Marco Out van Assen, Karel Loohuis van Hoogeveen en Mieke Damsma van Midden-Drenthe.

‘Beter nu dan helemaal niet’

Erkenning is er al sinds 2017 gerealiseerd in samenwerking met Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht Hans van Griensven. Maluku4Maluku is nu op weg naar compensatie op alle gebieden richting Molukse samenleving. Alles is gericht op de eerste generatie, en daarna de tweede generatie. Kijk en luister naar de volgende twee YouTube filmpjes.

Melie Lumalessil-Metiarij wil naar eigen zeggen positief in het leven staan en is dan ook blij met dit initiatief. “Dit is een goed signaal, beter nu dan helemaal niet. Jaren geleden gaf burgemeester Molkenboer van Leerdam al een aanzet voor deze erkenning, maar dat is toen niet doorgezet. De steun is nu al breder, maar nog niet breed genoeg”, zegt ze.

“Er zouden veel meer burgemeesters bij moeten aansluiten. Er zijn veel meer gemeenten met grote Molukse gemeenschappen. En vooral als burgemeesters zoals Halsema van Amsterdam of Aboutaleb van Rotterdam er bij zouden aansluiten, zou dat een heel mooi signaal afgeven. Maar de burgemeesters die dit nu gedaan hebben, die komen op voor hun eigen mening en dat vind ik geweldig!”

‘Aandacht op eerste generatie’

Als Leo Reawaruw, voorman van Stichting Maluku4Maluku, in de open brief leest over de voorgestelde investeringen in de Molukse gemeenschap is zijn eerste reactie: “Laten we eerst onze aandacht richten op Molukkers van de eerste generatie, die deze ellende zelf hebben meegemaakt.”

Die ellende noemt hij zelf ook wel ‘de oudste en smerigste toeslagenaffaire van Nederland’, omdat er, zo legt hij uit, diverse mensenrechten geschonden werden. Dit terwijl Nederland het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens én de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van de Verenigde Naties heeft ondertekend, merkt hij op.

Hij spreekt onder meer over het feit dat de KNIL-Ambonezen stateloos waren. Soms twintig tot dertig jaar. En dat familiehereniging door een speciale wet van toenmalige minister-president Drees onmogelijk gemaakt werd. En dat op sommige schepen van Indonesië naar Nederland niet genoeg plaats was voor alle kinderen van één gezin en er kinderen achtergelaten moesten worden. Dit zijn slechts enkele voorbeelden van waarom Reawaruw blijft hameren op het belang van erkenning voor de eerste generatie.

 

Werk van dominee Metiarij voortzetten

“Zonder verleden geen heden” zegt Lumalessil-Metiarij. “Ik wil niet alleen maar met een wijzende vinger staan, maar natuurlijk zijn er kwalijke en pijnlijke dingen gebeurd.” Haar vader was de Zuid-Molukse dominee Samuel Metiarij. Hij heeft zich altijd ingezet voor de Molukse gemeenschap, op meerdere vlakken.

“Mijn vader heeft er altijd hard voor gestreden, maar uiteindelijk is ons verhaal van de politieke agenda verdwenen. Misschien wel omdat hij er toen vanwege zijn hoge leeftijd niet meer voor kon strijden. Maar de hoop blijft dat we bereiken waar hij zich hard voor heeft gemaakt. En dat zal komen. Nederland heeft wat dat betreft een grote verantwoordelijkheid en kan niet blijven verwijzen naar de mensen die er destijds voor verantwoordelijk waren.”

‘Begin bij jezelf’

Aan de ene kant vindt Reawaruw het ‘goed’ en ‘hartstikke leuk’ dat de burgemeesters de open brief hebben ondertekend. Aan de andere kant begrijpt hij niet goed waarom er nog over ‘erkenning’ gesproken wordt. Hij wijst op twee momenten waarop die erkenning er – voor de veteranen – al is geweest. De eerste was toen Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht luitenant-generaal Hans van Griensven de KNIL-Ambonezen alsnog een veteranenstatus gaf (november 2017). De tweede was toen premier Mark Rutte op de veertiende editie van de Veteranendag (2018) uitsprak dat de KNIL-veteranen lange tijd een ‘vergeten groep’ waren.

Erkenning voor de eerste generatie uitgesproken in de Ridderzaal door minister-president Mark Rutte in bijzijn van de koning

Zijn boodschap aan de gemeenten is dus ook: begin bij jezelf. De voorman van Stichting Maluku4Maluku schreef al vele gemeenten aan om in gesprek te gaan over twee dingen waarvan hij denkt dat ze zouden helpen bij de erkenning voor de eerste generatie, namelijk: het geven van een speciale status aan de graven van KNIL-Ambonezen en het aanleggen van ‘witte anjerperken’.

Speciale status graven

De KNIL-Ambonezen zouden eerst voor maximaal zes maanden naar Nederland komen, maar hun verblijf werd permanent. Reawaruw: “Zij zijn hierheen gekomen op basis van een dienstbevel. Je ziet nergens terug dat ze hier niet vrijwillig heen zijn gekomen.”

De strijd en winst is in de gemeente Wierden begonnen! In het NOS programma wordt in samenwerking met Henry Timisela en Tuan Fridus Steijlen verteld dat in Tiel de eerste bijzondere graven zijn ontstaan. Tiel heeft de gemeente Wierden gebeld en gevraagd hoe Maluku4Maluku en gemeente Wierden het hebben geregeld! 

Velen van hen wilden eigenlijk terug, om uiteindelijk begraven te worden ‘onder de klapperboom’, vertelt Reawaruw. “Dat recht is hen ontnomen.” Daarom vindt hij het ‘redelijk’ en ‘billijk’ wanneer Nederland de gelden voor de graven kwijtscheldt en ze een speciale status geeft.

Dat geldt ook voor de graven van kinderen van de KNIL-Ambonezen. “Er was veel kindersterfte. Ik ga ervan uit dat er 3.000 kinderen of meer zijn omgekomen”, schat Reawaruw. “Van elke tien Molukkers zijn er zeker één of twee die een broertje of zusje verloren hebben.”

Hieronder een radio-uitzending over grafrechten Almelo en kindersterfte op CBA7 Radio Amsterdam met George Brown! Grafrechten is geen landelijke regeling!

Dat kwam volgens Reawaruw door de slechte omstandigheden in de woonoorden, zoals Kamp Schattenberg, het voormalig doorgangskamp Westerbork. Daar leefden de mensen in houten barakken. “De KNIL-Ambonezen wisten niet wat winter was. Veel kinderen stierven door de vrieskou. In de barakken was tocht en schimmel en er waren ook kakkerlakken, vlooien, ratten, muizen en luizen.”

Iedereen vooral Molukkers moeten wel blijven opletten! Want 14 oktober 2020 is er een plan ondertekend die met name alles dient te regelen voor de eerste, en daarna de tweede generatie. Veteran & Family Care Programma – KNIL Ambonezen behelst ook het KNIL erfgoed. Maar ook materiele en immateriële schade, nu werken we aan de invulling.

Ook wat Melie Lumalessil-Metiary betreft zou het Nederland sieren om te gaan betalen voor die grafrechten. “Dat is niet bedelend bedoeld, maar dat is wel het minste wat Nederland kan doen ter nagedachtenis aan die eerste generatie hier. Het is schrijnend wat zij hebben moeten meemaken. Mijn ouders zijn bijvoorbeeld nooit meer terug geweest, hebben hun eigen ouders nooit meer gezien.”

Witte anjerperken

Reawaruw is naast voorman voor de stichting ook Ambassadeur Nationaal Comité Veteranendag ‘Witte Anjerperkje’. Wanneer hij gemeenten aanschrijft, vraagt hij hen ook om een bloemenperk vol witte anjers in hun gemeente te plaatsen. Dit om alle veteranen, dus niet alleen KNIL-Ambonezen, te herdenken.

 

Erkenning en een plan om de eerste en tweede generatie Molukkers in Nederland, word besproken in een gesprek van ambassadrice van Maluku4Maluku José Imlabla en de huidige Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht  Frank van Sprang. Veteran & Family Care Programma KNIL Ambonezen /  Kijk en luister! 

In gesprek met gemeentes

In de gemeente Hoogeveen verlopen de gesprekken hierover goed, vertelt Reawaruw. “Daar spreek ik direct met de burgemeester. We zijn redelijk ver. Er wordt ook gesproken over een monument met de namen van de eerste generatie Molukkers uit Hoogeveen”, vertelt hij. In de gemeente Assen duurt het volgens Reawaruw allemaal wat langer: “Ik heb in 2019 al een verzoek ingediend.”

In de ene Nederlandse gemeente wordt zijn verzoek naar eigen zeggen ‘binnen vijf minuten’ geaccepteerd, van weer een andere gemeente ontvangt hij geen antwoord. Waar het aan ligt dat de gemeentes zo verschillend reageren? Volgens Reawaruw ligt het eraan of Nederlandse burgemeesters feeling hebben met de Nederlandse geschiedenis. En dat die Nederlandse geschiedenis, over de KNIL-Ambonezen, ‘totaal ontbreekt’ in het onderwijs.

 

Begin bij jezelf, eerst aandacht op de eerste generatie! Kijk en luister!

Excuus van de Staat

Een officieel excuus van Nederland moet er komen, vindt Lumalessil-Metiary. Maar ook als dat moment daar is, is het nog niet klaar voor haar. “Ons verhaal moet verteld blijven worden, aan onze kinderen en ook aan de niet-Molukkers. Daarvoor zal ik blijven roepen en blijven strijden.”

Bovenstaande artikel is verschenen bij RTV Drenthe onderstaande link kan men naar het artikel:

https://www.rtvdrenthe.nl/nieuws/168659/Steun-van-burgemeesters-voor-Molukkers-is-mooi-maar-we-verdienen-meer

Maluku4Maluku wil dezelfde volgorde als de Joodse slachtoffers uit de concentratiekampen zoals Vught en Westerbork. Eerst compensatie op alle gebieden en daarna excuses. Want daar hebben we meer aan, dan een paar goedkope zinnen. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *